Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2006

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 maart 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV4191.

"Op 21 januari 2001 stond ik buiten het jongerencentrum te Bussum met een aantal vrienden waaronder [betrokkene 1]. Op het moment dat [betrokkene 1] een jongen aansprak op zijn woorden, kwam er een andere jongen bij, dat was de jongen die later door de politie werd aangehouden. Ik zag dat die jongen plotseling een kopstootachtige beweging maakte in de richting van het gezicht van [betrokkene 1]. Omdat ik bang was dat het fout zou gaan, ben ik tussen die jongen en [betrokkene 1] gesprongen. Toen zag ik dat die jongen een mes in zijn hand had. Ik zag dat die jongen het mes naar achter bewoog en ophief alsof hij met het mes wilde uithalen in mijn richting. Op het moment dat die jongen dat mes ophief tegen mij, voelde ik mij bedreigd."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/75a96fcfb4cedd20cafdb67bfc470d453cc635f8c852ce8825e9f939f82165ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 75a96fcfb4cedd20cafdb67bfc470d453cc635f8c852ce8825e9f939f82165ca, en de alinea staat in dat document op bytes 11220 tot 11974.