Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2006

Alinea 14 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV4484.

1.4. Bij vonnis van 4 januari 2005 heeft de rechtbank de rechter-commissaris niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek omdat zij niet als een`belanghebbende' in de zin van art. 358a lid 1 Fw kan worden aangemerkt. Deze beslissing is niet in hoger beroep bestreden. Het verzoek van de bewindvoerder is door de rechtbank toegewezen, waarbij de rechtbank heeft bepaald dat art. 358 lid 1 Fw verder geen toepassing vindt. Volgens de rechtbank is voldoende gebleken dat de schuldenaar in het schuldsaneringstijdvak heeft getracht zijn schuldeisers te benadelen, doordat hij werkzaamheden heeft verricht en daarvoor inkomsten heeft ontvangen of moet ontvangen, zonder deze aan de bewindvoerder op te geven(3).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9dfdcaab58ea24c101a8ab062a996e6cf3aaf94b8ccfe0fd1775f94679b455a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9dfdcaab58ea24c101a8ab062a996e6cf3aaf94b8ccfe0fd1775f94679b455a6, en de alinea staat in dat document op bytes 7448 tot 8166.