Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2006

Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV4834.

21. Een en ander brengt mij tot de slotsom, dat er goede reden is om de strikte (iii-2)-regel te heroverwegen. De uitkomst van die heroverweging zou mijns inziens in elk geval moeten zijn dat de verplichting tot ambtshalve horen - zo die wordt gehandhaafd - niet langer voor de appelrechter geldt in gevallen waarin de getuige reeds in eerste aanleg is gehoord. Of een getuige die zijn tegenover de politie afgelegde verklaring ten overstaan van de rechter-commissaris of ter terechtzitting in eerste aanleg introk, in appel als getuige moet worden gehoord, kan dus naar mijn mening aan het contradictoire debat en uiteindelijk aan het oordeel van de rechter worden overgelaten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc3ecaf64a33b3969d17759c38c86ec3b7230fc2500fa0ffcb58980e10e5c874. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc3ecaf64a33b3969d17759c38c86ec3b7230fc2500fa0ffcb58980e10e5c874, en de alinea staat in dat document op bytes 32011 tot 32702.