Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2006

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV8326.

13. Dat art. 2 van het Verdrag tot uitlevering van misdadigers een limitatieve opsomming van misdrijven waarvoor de uitlevering zal worden toegestaan bevat waarop - begrijpelijkerwijs - niet voorkomen misdrijven die betrekking hebben op de handel in verdovende middelen, behoeft dus geen beletsel te zijn voor de toelaatbaarheid van de uitlevering. Waarbij ik nog voorbij ga aan het slot van genoemd art. 2, inhoudende dat "uitlevering ook zal kunnen worden toegestaan, naar het goeddunken van den staat, aan welken de uitlevering wordt aangevraagd, ten opzichte van eenig ander misdrijf waarvoor, overeenkomstig de wetten der beide Contracteerende Partijen op dat tijdstip van kracht, de toestemming kon worden verleend".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dff3a4e4125f95818a39c4f2babb9b8a7728b0c16c0b3d1f879166eb54745562. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dff3a4e4125f95818a39c4f2babb9b8a7728b0c16c0b3d1f879166eb54745562, en de alinea staat in dat document op bytes 18561 tot 19296.