Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2006

Alinea 53 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AV8326.

"De opgeëiste persoon heeft naast dit uitleveringsverzoek een strafzaak in Nederland lopen. Daarvoor zit hij in voorlopige hechtenis. [De opgeëiste persoon] wordt verdacht een grote hoeveelheid cocaïne vanuit België naar Nederland te hebben vervoerd. In deze strafzaak is een rechtshulpverzoek gedaan door Kenia. De opgeëiste persoon is ook hier gehoord door de Keniaanse autoriteiten. Aangezien de opgeëiste persoon in eerste instantie door deze rechtbank in onderhavige strafzaak zal worden berecht, zal - eventueel - het ne bis in idem beginsel in Kenia aan de orde zijn. (...) Mijn cliënt is een ontkennende verdachte."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dff3a4e4125f95818a39c4f2babb9b8a7728b0c16c0b3d1f879166eb54745562. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dff3a4e4125f95818a39c4f2babb9b8a7728b0c16c0b3d1f879166eb54745562, en de alinea staat in dat document op bytes 26060 tot 26703.