Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX1647.
De rechtsleer betreffende de maatstaf die art. 288 lid 2 onder b F de rechter hier voorhoudt - namelijk: het niet te goeder trouw geweest zijn bij het ontstaan of onbetaald laten van schulden - is helder en (nagenoeg) volledig beschreven in de conclusie van A- G Verkade voor HR 17 december 2004, NJ 2005, 240(8). Met verwijzing naar het daar besprokene, geef ik een korte samenvatting:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44, en de alinea staat in dat document op bytes 7728 tot 8128.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44 | shasum -a 256