Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006
Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX1647.
Ik meen dat het hof om meer dan een reden aan deze vrij summier toegelichte stelling voorbij kon gaan. Zo blijkt uit de in alinea 1 hiervoor aangehaalde vaststelling van de rechtbank in de eerste aanleg (waarvan niet blijkt dat die in appel was bestreden), dat volgens mededelingen van [verzoeker] zelf, zijn gewezen echtgenote wél stappen in het werk had gesteld om haar schuldenproblemen te regelen - en zelfs dat de schuldenlast zou zijn "afgehandeld". Al daarom was dadelijk te onderkennen dat de gevallen van de beide (ex-)echtgenoten niet vergelijkbaar waren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44, en de alinea staat in dat document op bytes 16804 tot 17384.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44 | shasum -a 256