Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006

Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX1647.

1) De verzoeker tot cassatie, [verzoeker], is in een problematische schuldensituatie geraakt doordat hij en zijn toenmalige echtgenote twaalf woningen op hun naam hebben laten zetten, als investering in onroerend goed. [Verzoeker] en zijn toenmalige echtgenote hebben dit gedaan op advies van een aangetrouwd familielid [betrokkene 1], om zo een stuk financiële zekerheid voor de toekomst op te bouwen. [Betrokkene 1] verhuurde en beheerde de woningen. [verzoeker] hoefde alleen een handtekening te zetten op de aanvraag voor de diverse hypotheken. Later bleek dat [betrokkene 1] de hypotheekpremies niet had voldaan en de huurinkomsten in eigen zak had gestoken. De woningen zijn uiteindelijk door de hypotheekhouders verkocht en [verzoeker] is met de restschulden blijven zitten(1). Zijn ex-vrouw heeft actie ondernomen en heeft, volgens [verzoeker], haar deel van de schuldenlast kunnen afhandelen(2). [Verzoeker] heeft geen aangifte bij de politie gedaan of anderszins juridische stappen ondernomen om de schuldenlast op [betrokkene 1] te verhalen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb686eea2fab3cf5bec1718b524ec0b09404eda36407df73ce10d5d4fd2a0e44, en de alinea staat in dat document op bytes 4917 tot 5983.