Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 september 2006

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 29 september 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 september 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX3080.

12. De beslissing van de Zweedse rechter is aan te merken als een beslissing in de zin van art. 32 van de EEX-Verordening en valt derhalve onder de erkenningsregeling van deze verordening. De omstandigheid dat de Zweedse beslissing "ex parte" staat hieraan niet in de weg. Hoewel volgens de rechtspraak van het Hof van Justitie het EEX-Verdrag hoofdzakelijk ziet op rechterlijke beslissingen die, voordat in een andere staat dan in de staat van herkomst om erkenning en tenuitvoerlegging ervan wordt verzocht, in die staat op diverse wijze het onderwerp zijn geweest of konden zijn van een procedure op tegenspraak (zie HvJEG 21 mei 1980, zk 125/79, Denilauler/Couchet, Jur. 1980, p. 1553, NJ 1981, 184 nt JCS), heeft het Hof van Justitie bij arrest van 14 oktober 2004, zk C-39/02 (Maerks/De Haan), NIPR 2004, nr. 357, Rev. Crit. d.i.p. 2005, blz. 118, IPRax 2006, blz. 262 geoordeeld dat een zonder voorafgaande betekening aan de betrokken schuldeiser gegeven beschikking tot het vormen van een beperkingsfonds niettemin een beslissing is in de zin van art. 25 EEX-Verdrag en dus onder de erkenningsregeling van het EEX-Verdrag valt. In aanmerking genomen dat uit het oogpunt van de waarborging van de continuïteit tussen het EEX-Verdrag en de EEX-Verordening de rechtspraak van het Hof van Justitie op het EEX-Verdrag zijn betekenis behoudt voor de uitlegging van overeenkomstige bepalingen in de EEX-Verordening (vgl. de preambule bij de EEX-Verordening onder 19), mag het Maerks/De Haan-arrest hier derhalve tot leidraad worden genomen en kan de conclusie geen andere zijn dan dat de beslissing van de Rechtbank in Stockholm een beslissing is in de zin van art. 32 van de EEX-Verordening en dus onder de erkenningsregeling van de EEX-Verordening valt. De vraag of en, zo ja, onder welke voorwaarden en in welke omvang de beslissing van de Zweedse fondsrechter in Nederland voor erkenning in aanmerking komt, dient derhalve, nu de erkenningregeling van de EEX-Verordening niet alleen materieel (volgens het Maerks/De Haan-arrest) en formeel (de beslissing is gegeven door een gerecht van een EU-lidstaat), maar ook temporeel (de beslissing is gegeven na de inwerkingtreding van de verordening; zie art. 66 lid 2 EEX-Verordening) van toepassing is, beoordeeld te worden aan de hand van de EEX-Verordening.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d071e8559f766311633b20397766caa0f2959230aff42d13c335adcee240ff6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d071e8559f766311633b20397766caa0f2959230aff42d13c335adcee240ff6, en de alinea staat in dat document op bytes 18005 tot 20327.