Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2006

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX3219.

4.4 Niet in geschil is dat de werkgelegenheid bij de voormalige werkgever van de vrouw in 1994 en 1995 fors is uitgebreid. Waar het om gaat is of de vrouw zich voldoende heeft ingespannen om vanaf 1994 uitbreiding van haar werkzaamheden te verkrijgen en of dat bij de behandeling van de procedure bij het hof in 1999 aan de orde is geweest. De thans overgelegde brief van [betrokkene 1] van 20 maart 2003 overtuigt het hof niet. In de eerdere procedure bij dit hof is namelijk een brief van [betrokkene 1] overgelegd van 2 maart 1999 waarin [betrokkene 1] bevestigt dat de vrouw niet meer dan 24 uur per week bij de stichting kan werken en er geen zicht bestaat op een vast dienstverband van meerdere uren. Uit de overgelegde stukken welke betrekking hebben op de bij het hof in 1999 gevoerde procedure, valt af te leiden dat de man de projecten destijds ter sprake heeft gebracht en ook toen al heeft aangevoerd dat de vrouw via deze projecten haar uren had kunnen uitbreiden zodat het hof dat in zijn oordeel die tot de beschikking van 18 mei 1999 heeft geleid, heeft betrokken. Anders dan de man is het hof van oordeel dat de vrouw in mei 1999 het hof naar waarheid heeft geïnformeerd over haar sollicitatie-inspanningen en uitbreidingsmogelijkheden. Uit de door de vrouw overgelegde stukken blijkt overigens dat zij wel degelijk heeft gereageerd op interne vacatures en daarvoor is afgewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9166d677f9571dd393fdcf1cbba2e093f1e38a524a072f7c06a803b90ad95c79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9166d677f9571dd393fdcf1cbba2e093f1e38a524a072f7c06a803b90ad95c79, en de alinea staat in dat document op bytes 13411 tot 14822.