Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2006
Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 oktober 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX5765.
Met inachtneming van het vorenstaande is het hof van oordeel dat de beledigende passages in het -van verdachtes hand afkomstige- artikel "Nederland moet de hand in eigen boezem steken" die -blijkens de verklaring van verdachte ter terechtzitting in hoger beroep- betrekking hebben op de vermeende gedragingen van de drie eerdergenoemde Nederlandse vrouwen in Alanya (Turkije) voorafgaand aan de hen op 23 mei 1995 overkomen verkrachtingen, mishandelingen, beroving en (poging tot) moord, niet noodzakelijk zijn voor het (kunnen) voeren van het door verdachte bedoelde publieke debat. Het hof overweegt daartoe het volgende. De uitlatingen in de bewezenverklaarde passages -gegrond op geruchten - zijn, blijkens de redactie daarvan, door de verdachte tot de zijne gemaakt door deze als feiten te presenteren. De bijdrage van de verdachte aan het publieke debat had, in aanmerking genomen de overige inhoud en strekking van het artikel, zeer wel gevoerd kunnen worden zónder de suggestieve verwijzing naar beweerdelijk promiscue gedrag van eerder genoemde Nederlandse vrouwen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc664aa717183f7c217bf9ac99d63b27101f12991aea3cac7611e3eec3f42048. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc664aa717183f7c217bf9ac99d63b27101f12991aea3cac7611e3eec3f42048, en de alinea staat in dat document op bytes 13774 tot 14862.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc664aa717183f7c217bf9ac99d63b27101f12991aea3cac7611e3eec3f42048 | shasum -a 256