Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2006
Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 augustus 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX6423.
12. Ook de Hoge Raad gaat er vanuit dat het in art. 225 Sr bedoelde oogmerk moet worden verstaan in de door Bakker bedoelde zin. In HR 22 april 1986, NJ 1987, 43 overwoog de Hoge Raad dat bedoeld oogmerk uit de gebezigde bewijsmiddelen kon worden afgeleid omdat verdachte en zijn mededaders met de valselijk opgemaakte geschriften beoogden de Gemeentelijke Sociale Dienst te misleiden. In HR 12 mei 1998, NJ 1998, 694 heette het dat voor bewezenverklaring van het volgens art. 225 Sr vereiste oogmerk beslissend is of de verdachte de bedoeling had het desbetreffende geschrift te gebruiken. Daar voegde de Hoge Raad nog aan toe dat dat oogmerk kan bestaan ongeacht de vorm van opzet die ten aanzien van het valselijk opmaken of vervalsen wordt aangenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/351b283fef91f19c9bb5e85abcb663d6f41d7f0fcb3ba24143f5d355f024f2cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 351b283fef91f19c9bb5e85abcb663d6f41d7f0fcb3ba24143f5d355f024f2cc, en de alinea staat in dat document op bytes 17038 tot 17806.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/351b283fef91f19c9bb5e85abcb663d6f41d7f0fcb3ba24143f5d355f024f2cc | shasum -a 256