Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 oktober 2006

Alinea 69 Parket bij de Hoge Raad 6 oktober 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 oktober 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX8295.

3.7 Anders dan bijvoorbeeld in het geval van art. 69 Fw, dient het verhoor van art. 66 er niet toe om de schuldeisers of de gefailleerde een instrument te geven om invloed te kunnen uitoefenen(24). Het verhoor van art. 66 Fw is ook niet bedoeld om bewijs tegen iemand te vergaren of burgerlijke rechten of verplichtingen vast te stellen, doch uitsluitend om omstandigheden op te helderen waarbij de belangen van de gehele boedel zijn betrokken. De kosten van een en ander zijn dan ook boedelschulden(25).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe0c64d5b2b798a10161a6045d1cd5aa0bc618b58455226d85f0271d1213051e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe0c64d5b2b798a10161a6045d1cd5aa0bc618b58455226d85f0271d1213051e, en de alinea staat in dat document op bytes 28560 tot 29077.