Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 oktober 2006
Alinea 73 Parket bij de Hoge Raad 6 oktober 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 oktober 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX8295.
3.10 M.i. dient met het oog op het doel van het verhoor van art. 66 Fw te worden voorkomen dat art. 66 Fw wordt ingezet als opmaat voor een aansprakelijkheidsprocedure als door Van Galen bepleit. Ik zie in het standpunt van Van Galen een parallel met het aanwenden van de enquĂȘteprocedure (art. 2:344 tot en met 2:359 BW) uitsluitend ten behoeve van een latere aansprakelijkheidsprocedure, hetgeen ik ontoelaatbaar vind(30). Hoewel een onderzoek naar en de vaststelling van verantwoordelijkheid voor onbehoorlijk bestuur niet van belang is ontbloot voor een latere aansprakelijkheidsprocedure, meen ik dat de strekking van art. 66 Fw en het stelsel van de Faillissementswet eraan in de weg staan dat het verhoor door de rechter-commissaris in faillissementszaken wordt gebruikt voor een ander doel dan ter opheldering van alle omstandigheden die het faillissement betreffen. Voorkomen dient te worden dat art. 66 Fw wordt gebruikt als "fishing expedition".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fe0c64d5b2b798a10161a6045d1cd5aa0bc618b58455226d85f0271d1213051e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fe0c64d5b2b798a10161a6045d1cd5aa0bc618b58455226d85f0271d1213051e, en de alinea staat in dat document op bytes 30834 tot 31805.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fe0c64d5b2b798a10161a6045d1cd5aa0bc618b58455226d85f0271d1213051e | shasum -a 256