Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2006
Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 oktober 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX8680.
15. Relevante verschillen met de onderhavige zaak zie ik niet. Daarin heeft het Hof overwogen dat het "in de door verdachte gestelde omstandigheid dat aan hem door een baliemedewerker in het gerechtsgebouw onjuiste informatie is gegeven - wat daarvan verder ook zij -, geen reden ziet om tot een ander oordeel te komen, reeds omdat op de achterzijde van de dagvaarding de beroepstermijn in duidelijke bewoordingen staat aangegeven." Gelet op deze formulering heeft het Hof - in plaats van te onderzoeken of verdachtes beweringen aannemelijk waren - in het midden gelaten of er onjuiste informatie is verstrekt, zodat daarvan in cassatie moet worden uitgegaan. Dat maakt dat 's Hofs oordeel zonder nadere motivering niet begrijpelijk is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b68f76b19fbc77ddf3510779b45c9ffb72911799c6896393c249b7736654ea7b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b68f76b19fbc77ddf3510779b45c9ffb72911799c6896393c249b7736654ea7b, en de alinea staat in dat document op bytes 15372 tot 16122.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b68f76b19fbc77ddf3510779b45c9ffb72911799c6896393c249b7736654ea7b | shasum -a 256