Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2006
Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 oktober 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX9178.
Het hof acht aannemelijk geworden dat verdachte en zijn mededaders ervan uitgingen dat de bestuursleden, die de tafel moesten tegenhouden zo "voor zichzelf zouden zorgen" dat zij zelf ernstige ongelukken zouden weten te vermijden. Anders gezegd: dat verdachte weliswaar weet had van de aanmerkelijke kans op een ernstig ongeluk, maar ervan uitging dat een dergelijk gevolg niet zou intreden, omdat de bestuursleden zelf dat wel zouden (weten te) voorkomen. Het bestaan van (voorwaardelijk) opzet acht het hof dan ook niet bewezen, maar wel acht het hof bewezen dat verdachte met aanmerkelijke onachtzaamheid en onvoorzichtigheid heeft gehandeld, waardoor het aan zijn schuld te wijten is geweest dat het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4edf7b0a9f0b830b638f681a3ea9e396c5483e7c5690e2932b274a4c19dec75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4edf7b0a9f0b830b638f681a3ea9e396c5483e7c5690e2932b274a4c19dec75, en de alinea staat in dat document op bytes 16820 tot 17591.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b4edf7b0a9f0b830b638f681a3ea9e396c5483e7c5690e2932b274a4c19dec75 | shasum -a 256