Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 november 2006
Alinea 66 Parket bij de Hoge Raad 3 november 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 november 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AX9701.
Niettemin meen ik dat het oordeel van het hof niet met het door het subonderdeel geciteerde art. 2a van de beëindigingsovereenkomst strookt en dat de klacht van het subonderdeel daarom slaagt. In art. 2a wordt de door de bank verschuldigde prestatie (de stimuleringsvergoeding) tweemaal geduid; éénmaal in descriptieve zin, en wel zodanig, dat de vergoeding steeds objectief bepaalbaar is ("berekend op de wijze zoals beschreven in het Deelakkoord Zonder Omwegen en de brochure Financiële Regelingen"), en éénmaal gekwantificeerd aan de hand van de "thans geldende/bekende gegevens". Naar mijn mening is zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk waarom, in het geval dat de aan de hand van de omschrijving (de rekenformules van het Deelakkoord en de brochure Financiële Regelingen) berekende vergoeding van het in de beëindigingsovereenkomst vermelde bedrag afwijkt, voor de vaststelling van de door de bank verschuldigde prestatie de descriptieve aanduiding daarvan in de beëindigingsovereenkomst (die de prestatie objectief bepaalbaar maakt) minder gewicht in de schaal legt dan de (in de beëindigingsovereenkomst toch onmiskenbaar met enig voorbehoud gepresenteerde) uitkomst van de door de bank aan de hand van diezelfde omschrijving uitgevoerde berekening.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c7ff7be33fb6c4920db4c132901c6a1da835bfa270c620e604e290c416c0460b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c7ff7be33fb6c4920db4c132901c6a1da835bfa270c620e604e290c416c0460b, en de alinea staat in dat document op bytes 35509 tot 36810.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c7ff7be33fb6c4920db4c132901c6a1da835bfa270c620e604e290c416c0460b | shasum -a 256