Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 november 2006

Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 10 november 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 november 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AY8290.

Toegespitst op deze zaak betekent het voorgaande het volgende. In casu wordt het verzoek tot ontslag gedaan door [verweerder 1], een voormalig bestuurder die daaraan ten grondslag heeft gelegd hetgeen hem aan wanbeheer door [verzoekers] gedurende zijn bestuursperiode is gebleken. In het licht van het doel van art. 2:298 BW, te weten: het uitoefenen van toezicht op een stichtingsbestuur door de rechtbank, en gelet op het feit dat [verweerder 1] als voormalig bestuurder zeer nauw betrokken is geweest bij het onderwerp dat in de ontslagprocedure wordt behandeld (het wanbeheer van zijn medebestuurders), moet m.i. worden aangenomen dat daarin voor [verweerder 1] een belang is gelegen om de procedure te (kunnen) entameren. Daaraan doet niet af dat [verweerder 1] tijdens de mondelinge behandeling in hoger beroep heeft verklaard het ontslag te hebben verzocht uit principieel belang. Dit betekent dat het hof [verweerder 1] terecht als belanghebbende in de zin van art. 2:298 BW heeft aangemerkt. Klacht 2 dat van een andere, meer beperkte, opvatting van het begrip 'belanghebbende' in de zin van art. 2:298 BW uitgaat, faalt mitsdien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7f4e1cbc9fa9c7529e4bd705f436cec98325c2900d8962c22db91c6321da578. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7f4e1cbc9fa9c7529e4bd705f436cec98325c2900d8962c22db91c6321da578, en de alinea staat in dat document op bytes 36299 tot 37452.