Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 november 2006
Alinea 88 Parket bij de Hoge Raad 10 november 2006
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 november 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AY8290.
Geklaagd wordt dat het hof door aldus te overwegen blijk heeft gegeven van een onjuiste rechtsopvatting. Daartoe wordt gesteld dat het ontslag van een bestuurder van een stichting ex art. 2:298 lid BW ingaat als de betreffende beschikking onherroepelijk is geworden. Onder verwijzing naar Asser-Maeijer 1997 II, nr. 491 en het commentaar van Den Tonkelaar in Tekst & Commentaar ad art. 2:298 BW, aant. 3, wordt voorts aangevoerd dat de aard van de beslissing meebrengt dat deze niet uitvoerbaar bij voorraad kan worden verklaard en wel omdat in art. 2:298 BW, anders dan in de wettelijke regeling van het enquêterecht (zie art. 2:356 BW jo. 2:358 BW), niet uitdrukkelijk is bepaald dat de beschikking tot ontslag uitvoerbaar bij voorraad kan worden verklaard. Bovendien zou volgens klacht 4 ook geen behoefte bestaan aan uitvoerbaar bij voorraadverklaring, nu een tijdelijke voorziening in het bestuur door de rechter kan worden getroffen op de voet van het tweede lid van art. 2:298 BW. Zo zou uit de eindbeschikking van de rechtbank Zutphen van 19 mei 2000, JOR 2000, 192 volgen dat de rechter, indien hij daartoe gronden aanwezig acht, naast het ontslag van een of meer bestuurders kan bepalen dat de schorsing van die bestuurder(s) zal worden verlengd totdat het ontslag in werking zal zijn getreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7f4e1cbc9fa9c7529e4bd705f436cec98325c2900d8962c22db91c6321da578. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7f4e1cbc9fa9c7529e4bd705f436cec98325c2900d8962c22db91c6321da578, en de alinea staat in dat document op bytes 44467 tot 45790.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7f4e1cbc9fa9c7529e4bd705f436cec98325c2900d8962c22db91c6321da578 | shasum -a 256