Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 december 2006

Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 12 december 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 december 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AY8330.

Nadat ik de hal was ingedoken ben ik via de voordeur naar buiten gerend, om vervolgens linksaf de straat in te rennen. Aan het eind van straat gekomen wilde ik een stukje afsnijden naar een andere straat en rende daarbij over een stuk grasveld. Hier gleed ik echter uit en kwam ten val. Toen ik overeind wilde komen zakte ik door mijn rechterarm. Ik kon ook niet meer overeind komen en lag op mijn buik. Toen ik vervolgens schuin omhoog keek, zag ik [verdachte] staan met het pistool in zijn hand. Ik zag dat hij het pistool op ongeveer een meter bij mij vandaan hield en het op mij richtte. Gelijk daarop hoorde ik het schot afgaan. Het inschot zit boven aan de rechterzijde van mijn rug, vlak boven mijn rechterschouderblad.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1bf15e4e56f16fb2bffe233f4e82eaf5d00cce148236f300f2835d3901edc672. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1bf15e4e56f16fb2bffe233f4e82eaf5d00cce148236f300f2835d3901edc672, en de alinea staat in dat document op bytes 11655 tot 12394.