Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 december 2006

Alinea 84 Parket bij de Hoge Raad 12 december 2006

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 december 2006, ECLI:NL:PHR:2006:AY8330.

21. De stellers van het middel betogen dat het Hof nader had behoren te motiveren waarom de disproportionele reactie van de verdachte in hoofdzaak moet worden toegeschreven aan zijn persoonlijkheidsstoornis. Daarbij wijzen de stellers van het middel erop dat door de raadsman van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep is aangevoerd dat het handelen van de verdachte is ingegeven door grote angst en paniek, veroorzaakt door het 'binnenstormen' door [slachtoffer], alsmede dat het Hof met betrekking tot de stoornis niet meer heeft overwogen dan dat deze de gedragskeuzes, c.q. gedragingen van de verdachte beïnvloedde en dat de verdachte als gevolg daarvan ten tijde van de feiten als verminderd toerekeningsvatbaar moet worden beschouwd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1bf15e4e56f16fb2bffe233f4e82eaf5d00cce148236f300f2835d3901edc672. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1bf15e4e56f16fb2bffe233f4e82eaf5d00cce148236f300f2835d3901edc672, en de alinea staat in dat document op bytes 34352 tot 35114.