Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AV7405.

6) De situatie die ontstaat wanneer de bedoelde persoon inderdaad van het blokkeringsrecht gebruik maakt, vertoont overeenkomst met die, die in HR 20 december 2002, NJ 2004, 4 m.nt. JMBV (zie vooral rov. 4.4.4 - 4.4.6) werd beoordeeld. In die zaak ging het (ook) om het dilemma dat ontstaat wanneer een partij enerzijds verplicht is om de rechter inlichtingen te verstrekken dan wel stukken over te leggen (waardoor ook de andere partijen daarvan kennis krijgen), maar anderzijds aanspraak kan maken op vertrouwelijke bejegening van de inlichtingen/stukken waar het om gaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dbec2ead98d0da2fcc8fed164f357ecb7b76376647c6cafb05ee166581b4dfb4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dbec2ead98d0da2fcc8fed164f357ecb7b76376647c6cafb05ee166581b4dfb4, en de alinea staat in dat document op bytes 9514 tot 10101.