Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007
Alinea 92 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AV7405.
13) Mij lijkt bovendien onwenselijk dat - zoals de door de Voorzieningenrechter in deze zaak gekozen opvatting indiceert - arbiters bij de beoordeling van de vraag of schorsing op de voet van art. 1035 lid 1 Rv. al dan niet aangewezen is, (aanzienlijk) gewicht zouden moeten toekennen aan het prejudiciërende effect van hun eigen oordeel over die vraag: namelijk, aan de omstandigheid dat hun oordeel, in voor de verzoeker tot wraking ongunstige zin, over de schorsing wezenlijk kan bijdragen tot de succeskans van het wrakingsverzoek. Er tekent zich dan een vicieuze cirkel af: het wrakingsverzoek maakt misschien, op zichzelf beschouwd, weinig kans van slagen (en mede daarom zou schorsing, alle omstandigheden in aanmerking genomen, niet aangewezen zijn); maar door afwijzing van het schorsingsverzoek versterken arbiters de indruk dat zij vooringenomen (kunnen) zijn (in belangrijke mate), en wordt de kans op succes van het wrakingsverzoek alsnog reëel. Door dit "cirkeleffect" wordt, als het gaat om de beoordeling van een schorsingsverzoek op zijn eigen merites, een onbalans bewerkstelligd. Mij lijkt dat, als gezegd, onwenselijk, en per saldo ook onjuist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dbec2ead98d0da2fcc8fed164f357ecb7b76376647c6cafb05ee166581b4dfb4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dbec2ead98d0da2fcc8fed164f357ecb7b76376647c6cafb05ee166581b4dfb4, en de alinea staat in dat document op bytes 40615 tot 41794.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dbec2ead98d0da2fcc8fed164f357ecb7b76376647c6cafb05ee166581b4dfb4 | shasum -a 256