Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 april 2007

Alinea 161 Parket bij de Hoge Raad 6 april 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 april 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AX0777.

2.49. Van Vijfeijken(46) kan zich op zich wel vinden in het vervallen van het 60%-forfait. Wel wijst zij op de gevolgen van het nieuwe erfrecht voor de situatie dat er een langstlevende echtgenoot in de woning achterblijft. Deze verkrijgt dan de woning en de overige erfgenamen krijgen een vordering waarvan de waarde conform HR 13 december 1995, nr. 29 716, BNB 1996/70, wordt bepaald door de (leeg)waarde van de woning. Het hierdoor hogere successierecht dat de overige erfgenamen zijn verschuldigd, moet volgens het nieuwe erfrecht door de langstlevende worden voldaan. Wel komt dit bedrag in mindering op de vordering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e2e1b3940aa9876895b58e30c81faa7177d721d593d3355999299f78aec9185e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e2e1b3940aa9876895b58e30c81faa7177d721d593d3355999299f78aec9185e, en de alinea staat in dat document op bytes 48195 tot 48830.