Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AX7244.
4.4.4.3. Het argument van belanghebbende kan echter niet overtuigen, omdat het in het onderhavige geval immers gaat om een bronbelasting op, aan een gerechtigde, uitgekeerde dividenden en een vennootschapsbelasting op, de door deze gerechtigde, ontvangen dividenden. Hierbij gaat het dus, anders dan in reeds door het HvJ EG besliste zaken (C-51/98 Baars punt 40, C-35/98 Verkooyen punt 57, 58, C-168/01 Bosal punt 30, C-315/02 Lenz punt 35) in wezen wel degelijk om één en dezelfde inkomsten- of winstbelasting op één en dezelfde persoon, zodat een beroep op coherentie niet per definitie moet falen. De situatie is immers wel denkbaar dat zowel in het geval van de binnenlandse als de buitenlandse aandeelhouder/vennootschap de bronbelasting op uitgekeerde dividenden wordt verrekend met de inkomsten- of winstbelasting op ontvangen dividenden. In een dergelijk geval zou, zoals de Inspecteur stelt, de bronbelasting alleen in de binnenlandse situatie uit efficiëntieoverwegingen weggelaten kunnen worden en kan het heffen van een bronbelasting in de buitenlandse situatie wellicht worden gerechtvaardigd op grond van verdeling van belastingjurisdictie in verband met coherentie c.q. territorialiteit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/157a9b9dd9da56ce90a9ba46fe68f9410c0180b72ee26c3ed24fa9bda1967297. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 157a9b9dd9da56ce90a9ba46fe68f9410c0180b72ee26c3ed24fa9bda1967297, en de alinea staat in dat document op bytes 19320 tot 20541.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/157a9b9dd9da56ce90a9ba46fe68f9410c0180b72ee26c3ed24fa9bda1967297 | shasum -a 256