Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2007

Alinea 50 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AX8608.

Belanghebbende is van mening dat gezien het overleg en de correspondentie tussen de heren Van Velzen en Pronk als vertegenwoordigers van de Nederlandse europarlementariërs enerzijds en het Ministerie van Financiën anderzijds (zie de onderdelen 2.5 en 2.6 van de conclusie) en de onduidelijkheid die er blijkens dit overleg en deze correspondentie bij de europarlementariërs leefde, het de Inspecteur duidelijk had moeten zijn dat een behoorlijke taakvervulling meebracht dat hij alvorens over te gaan tot het opleggen van de primitieve aanslag bij belanghebbende had moeten verifiëren of zij deelnam aan het vrijwillig pensioenfonds voor de leden van het Europees Parlement. Door dit na te laten heeft de aanslagopleggende Inspecteur een ambtelijk verzuim begaan, dat aan navordering in de weg staat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c35f28dcc62156f65d9d9b6cf7f4d8b1a1a649eb4f4e41314fdc863d7454f1ae. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c35f28dcc62156f65d9d9b6cf7f4d8b1a1a649eb4f4e41314fdc863d7454f1ae, en de alinea staat in dat document op bytes 16715 tot 17533.