Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 november 2007

Alinea 141 Parket bij de Hoge Raad 23 november 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AY8549.

5.16. Tot slot valt in dit verband ook te wijzen op de uitspraak van gerechtshof 's-Gravenhage van 13 april 1994, V-N 1994/3504. Volgens het hof was de belanghebbende, een Brits uitzendbureau, inhoudingsplichtig in de zin van artikel 6, lid 2, onderdeel a van de Wet LB 1964, omdat door haar Nederlandse kantoor overeenkomsten met inleners waren afgesloten en daardoor sprake was van een vaste inrichting als bedoeld in de artikelen 5 en 15, tweede lid, van het belastingverdrag met het VK. Met betrekking tot de vraag of de loonkosten van de Britse werknemers ten laste waren gekomen van deze vaste inrichting overwoog het hof:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d81ffb067c5b2f964e1dfdf29a537af4514a821b2987b4ff1759464ba67fe9c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d81ffb067c5b2f964e1dfdf29a537af4514a821b2987b4ff1759464ba67fe9c0, en de alinea staat in dat document op bytes 63802 tot 64443.