Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 113 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AY9194.

6.19 Aandacht verdient nog dat een afvalstof dat karakter op een gegeven moment weer kan verliezen. Dat is met name het geval als het afgedanke goed weer nuttig door een ander wordt gebruikt. Omstreden is of, zoals de Raad van State heeft geoordeeld, het enkele feit dat een afvalstof een bewerking heeft ondergaan die de stof gelijkwaardig maken aan (kort gezegd) een niet voor het milieu schadelijke grondstof, maakt dat niet langer van een afvalstof sprake is.(7) Die kwestie kan hier blijven rusten, nu door de verdediging niet is aangevoerd dat de aardappeltarra door gebruik of anderszins het karakter van afval heeft verloren. Het standpunt was steeds dat die tarra nooit het karakter van afvalstof heeft gehad. Ik merk daarbij op dat tijdens de opslag van gebruik nog geen sprake kan zijn. Door het Hof zijn voorts geen feiten vastgesteld die erop wijzen dat de opgeslagen tarra een bewerking heeft ondergaan die het van karakter deden veranderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0366e73a1adb54e65c810961cb930cce2dcec1d34b0e0820e7b3749ea1f458b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0366e73a1adb54e65c810961cb930cce2dcec1d34b0e0820e7b3749ea1f458b, en de alinea staat in dat document op bytes 41460 tot 42428.