Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 175 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AY9194.

8.6 De genoemde Bijlage I - zoals die ten tijde van het bewezenverklaarde luidde - bevat talrijke voorschriften over onder meer de opslag van mest (onder 1 en 2), afvalstoffen (onder 8) en bodembescherming (onder 9). Het meer of minder stilzwijgende uitgangspunt lijkt daarbij te zijn dat het gaat om mest en afvalstoffen die direct gerelateerd zijn aan de akker en tuinbouw die op het desbetreffende bedrijf wordt bedreven (vgl. de onder 8.4 weergegeven definitie, in het bijzonder de onder 9e en 10e vermelde specificaties). Een verbod om op het bedrijf van elders afkomstige afvalstoffen op te slaan, treft men in elk geval niet aan. Illustratief is voorschrift 8.3.: "Afvalstoffen, niet zijnde snoeihout, bladeren en soortgelijke afvalstoffen, moeten op gezette tijden uit de inrichting worden afgevoerd. (...)". Dat afvalstoffen ook zouden kunnen worden aangevoerd, lijkt buiten het blikveld van de regelgever te hebben gelegen. Als aardappeltarra aangemerkt zou moeten worden als een "soortgelijke afvalstof" als snoeihout en bladeren, geldt het het gebod tot geregelde afvoer daarvoor niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0366e73a1adb54e65c810961cb930cce2dcec1d34b0e0820e7b3749ea1f458b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0366e73a1adb54e65c810961cb930cce2dcec1d34b0e0820e7b3749ea1f458b, en de alinea staat in dat document op bytes 55238 tot 56349.