Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007
Alinea 94 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AY9194.
6.11 In de uitleg van het HvJ van het begrip afvalstoffen - waarbij de Hoge Raad zich als gezegd heeft aangesloten - staat centraal de vraag of sprake is van een stof waarvan de houder zich ontdoet, dan wel zich wil of moet ontdoen. Dat maakt dat de aard van de stof (de bruikbaarheid ervan) niet doorslaggevend is. Elke stof kan door de bezitter worden afgedankt en daarmee een afvalstof worden. Dat geldt ook voor nuttige, op zich niet voor het milieu gevaarlijke stoffen. Het doel is tenslotte te voorkomen dat afgedankte spullen in het milieu belanden. Daartoe moet toezicht gehouden kunnen worden op de afvalstroom, om zo te kunnen controleren of de afvalstoffen volgens de voorschriften worden verwijderd of hergebruikt. Voor ogen moet worden gehouden dat ook het zo maar ergens dumpen van op zich alleszins bruikbare goederen voor het milieu schadelijk kan zijn. Dat geldt ook voor grond, hoe vruchtbaar en schoon die grond op zich ook zou mogen zijn. Wie vrachtwagens schone grond in een beschermd natuurgebied stort, veroorzaakt al snel een ecologisch rampje.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0366e73a1adb54e65c810961cb930cce2dcec1d34b0e0820e7b3749ea1f458b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0366e73a1adb54e65c810961cb930cce2dcec1d34b0e0820e7b3749ea1f458b, en de alinea staat in dat document op bytes 28751 tot 29833.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a0366e73a1adb54e65c810961cb930cce2dcec1d34b0e0820e7b3749ea1f458b | shasum -a 256