Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007
Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ0613.
24) In materieel opzicht lijkt de klacht mij ook ongegrond. In de passage die middelonderdeel 2 in subalinea 21 op het oog lijkt te hebben, namelijk het slot van alinea 5 (het middel verwijst, volgens mij per abuis, naar alinea 6) van de conclusie van repliek, wordt inderdaad niet met zoveel woorden gesteld dat een beroep op het voorkeursrecht (met het oog op de maatstaven van redelijkheid en billijkheid) onaanvaardbaar zou zijn. (Al) daarom is niet onbegrijpelijk dat het hof de stellingen van de kant van [eiser] niet heeft verstaan in de zin die het middelonderdeel voorstaat. De uitleg van partijstellingen is voorbehouden aan de rechter die over de feiten oordeelt, zodat de juistheid daarvan in cassatie niet aan de orde kan komen(10).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4da44158e2f487a62253a69ded3607788d46f0ad313af79acd20dabb563fec01. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4da44158e2f487a62253a69ded3607788d46f0ad313af79acd20dabb563fec01, en de alinea staat in dat document op bytes 26555 tot 27313.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4da44158e2f487a62253a69ded3607788d46f0ad313af79acd20dabb563fec01 | shasum -a 256