Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 januari 2007

Alinea 96 Parket bij de Hoge Raad 19 januari 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 januari 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ1106.

11 De opsteller van de akte van huwelijkse voorwaarden stond blijkbaar voor het probleem dat een afrekening onderling alsof partijen in algehele gemeenschap van goederen waren gehuwd zou meebrengen dat alle vermogensbestanddelen (met inbegrip van het vóórhuwelijkse vermogen en de aandelen van de man in de vennootschap) gelijk zouden moeten worden gedeeld. In zo'n situatie kan men ervoor kiezen, alleen de waardevermeerdering van de aandelen in de huwelijkse periode te verrekenen òf helemaal af te zien van een verrekening van de waarde(-vermeerdering) van de aandelen. Het hof is, met de man, van oordeel dat het laatste is bedoeld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ab4a8bfadcf08acbae2955e0ee418b7a3dafc40f65785168a4a43aff60488aca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ab4a8bfadcf08acbae2955e0ee418b7a3dafc40f65785168a4a43aff60488aca, en de alinea staat in dat document op bytes 39780 tot 40432.