Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007
Alinea 116 Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ2817.
"Met een splitsbaar pand wordt gedoeld op een pand dat bouwtechnisch goed te splitsen is in het deel dat zakelijk wordt gebruikt en het deel dat privé wordt gebruikt. Het gaat hierbij om panden die uiteraard juridisch één zaak vormen, maar waarbij bijvoorbeeld aparte ingangen voor het privé-deel en het zakelijk deel aanwezig zijn, terwijl er ook geen verbindingen binnendoor zijn. Indien die verbindingen er wel zijn, is het van belang of die gemakkelijk kunnen worden afgesloten. Veelal wordt voor het antwoord op de vraag of sprake is van een splitsbaar pand de toets aangelegd of de afzonderlijke delen gemakkelijk, dus zonder veel aanpassingen, apart zouden kunnen worden verhuurd. Buiten de afsluitbaarheid van eventuele verbindingen binnendoor kunnen ook de voorzieningen zoals aansluitingen van gas, elektriciteit en water/riolering hierbij een rol spelen. Indien sprake is van een splitsbaar pand verloopt de etikettering volgens het feitelijk gebruik, dus het zakelijk gebruikte deel dient als ondernemingsvermogen te worden aangemerkt terwijl het in privé gebruikte deel tot het privé-vermogen behoort."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/daf4b5fdf5893ab4071c9d4f0ccd60ee31e7f220c0b5dded0c4f99bbd44cda79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt daf4b5fdf5893ab4071c9d4f0ccd60ee31e7f220c0b5dded0c4f99bbd44cda79, en de alinea staat in dat document op bytes 41866 tot 43000.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/daf4b5fdf5893ab4071c9d4f0ccd60ee31e7f220c0b5dded0c4f99bbd44cda79 | shasum -a 256