Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007

Alinea 155 Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ3758.

7.9. Het rechtszekerheidsbeginsel is in de jurisprudentie van het HvJ EG vooral aan de orde geweest in strafrechtelijke zaken, met name de zaken Kolpinghuis Nijmegen en Arcaro. In de literatuur is erop gewezen dat in strafrechtelijke zaken het rechtszekerheidsbeginsel in het bijzonder een rol speelt, omdat de strafbaarheid van een bepaalde gedraging uit de wet moet voortvloeien(39). In het (Nederlandse) belastingrecht geldt naar mijn mening een gelijksoortig argument: belastingen worden uit kracht van wet geheven. Om die reden zal in het onderhavige geval de grammaticale interpretatie van tabelpost b.3. de voorkeur moeten krijgen boven de wetshistorische interpretatie. Het hanteren van de wetshistorische interpretatie stuit dan ook af op het rechtszekerheidsbeginsel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4b42fe8adbc53a7e9afd81a7b7f2503c41ec47cdf234a7d936da1b6e9778470f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4b42fe8adbc53a7e9afd81a7b7f2503c41ec47cdf234a7d936da1b6e9778470f, en de alinea staat in dat document op bytes 69671 tot 70461.