Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007
Alinea 272 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ4664.
Bij de uitoefening van het inzagerecht komt het dus aan op de precieze geregistreerde persoonsgegevens, ook al omdat de uitoefening van het correctierecht ingevolge art. 12, aanhef en onder b van de Richtlijn en art. 36 Wbp anders al gauw een slag in de lucht zou kunnen zijn (wat ook niet in het belang is van de verantwoordelijke). Dat de Richtlijn en de Wbp uitgaan van precieze gegevens blijkt niet alleen uit het begrip 'verstrekking, in begrijpelijke vorm, van de gegevens die zijn verwerkt' in de Richtlijn en het 'volledig overzicht' in art. 35 lid 2 Wbp, maar ook uit art. 36 lid 1, laatste volzin, Wbp waarin staat dat een correctieverzoek 'de aan te brengen wijzigingen' moet bevatten. Aan die eis kan de betrokkene natuurlijk niet voldoen als de verantwoordelijke bij het geven van het 'volledig overzicht' kan volstaan met gemeenplaatsen als bijvoorbeeld 'gegevens met betrekking tot lopende en/of verrichte transacties en additionele gegevens verkregen door rechtstreeks contact'.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2e36d4392d75284bf0d01846c4a9d89d8d41241463bae9f64f11e3986eb1cc9c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2e36d4392d75284bf0d01846c4a9d89d8d41241463bae9f64f11e3986eb1cc9c, en de alinea staat in dat document op bytes 110047 tot 111055.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2e36d4392d75284bf0d01846c4a9d89d8d41241463bae9f64f11e3986eb1cc9c | shasum -a 256