Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 april 2007

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 10 april 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 april 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ5713.

Ik heb het busje bestuurd. [Medeverdachte 4] (het hof begrijpt hier en telkens: [medeverdachte 4]) en [medeverdachte 1] stapten bij mij in. Toen zijn we naar [medeverdachte 2] gereden, naar een flat in de Bijlmer. Die reed een stukje met mij mee maar heeft ook in de andere auto gezeten omdat hij de weg wist. [Medeverdachte 2] heeft mensen gebeld om te komen. In de Bijlmer heb ik constant achter het stuur van het busje gezeten. [Medeverdachte 5] reed voorop. In de Bijlmer stapte een Afrikaan in het busje. De tweede Afrikaanse man hebben we opgehaald. Toen hebben we de Bijlmer verlaten. [Medeverdachte 2] zat bij [medeverdachte 5] in de auto en zij reden voorop richting Almere. Ik reed daar in het busje achteraan. Iemand zei tegen mij dat ik de auto waarin [medeverdachte 5] had gereden kon pakken en terug kon gaan. Dat heb ik gedaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bd81a5ca9dedb5685c835da7feb510321d190b3812aa7fc33d0b83ddb514a9d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bd81a5ca9dedb5685c835da7feb510321d190b3812aa7fc33d0b83ddb514a9d, en de alinea staat in dat document op bytes 9614 tot 10470.