Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2007

Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ6708.

6. Het spreekt vanzelf dat het volkomen zinloos is om een cassatieklacht met dergelijke stellingen te onderbouwen. Ten eerste is het gevestigde rechtspraak dat het proces-verbaal van de terechtzitting de dwingende kenbron is van hetgeen aldaar is verhandeld, waaruit voortvloeit dat steeds moet worden aangenomen dat het proces-verbaal een correcte en volledige verslaglegging geeft van al hetgeen ter terechtzitting is gezegd en gedaan. Een andere waardering zou wellicht mogelijk zijn in het uitzonderlijke geval de stukken van het geding een zwaarwegende aanwijzing geven dat het proces-verbaal van de terechtzitting niet juist of niet volledig kan zijn, maar dat uitzonderlijke geval doet zich hier geenszins voor.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c3f892245e3949db5641a4733e0cabbf66148f33ea782cbf206333b03835e823. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c3f892245e3949db5641a4733e0cabbf66148f33ea782cbf206333b03835e823, en de alinea staat in dat document op bytes 8835 tot 9566.