Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2007

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 mei 2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ6708.

16. Nu het Hof heeft vastgesteld dat de aangeefster in ieder geval ten tijde van de behandeling in hoger beroep verlangde dat verzoeker ter zake van de hem tenlastegelegde feiten wordt gestraft, meen ik dat het in dit middel bedoelde verweer terecht is verworpen en het Openbaar Ministerie in deze vervolging terecht ontvankelijk is geacht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c3f892245e3949db5641a4733e0cabbf66148f33ea782cbf206333b03835e823. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c3f892245e3949db5641a4733e0cabbf66148f33ea782cbf206333b03835e823, en de alinea staat in dat document op bytes 17824 tot 18177.