Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2007

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA0423.

1 De vaststelling van het Hof lijkt op gespannen voet te staan met de inhoud van de bewijsmiddelen, waaruit toch afgeleid lijkt te moeten worden dat [slachtoffer] zijn mes liet vallen doordat [medeverdachte 1] hem in zijn zij schopte. De vraag is zogezien of die door [medeverdachte 1] uitgedeelde trap, die wellicht bedoeld was om [slachtoffer] te ontwapenen, niet uit noodweer voortkwam. Ik laat die vraag rusten omdat het verweer (en dus ook de weerlegging van het Hof) zich beperkte tot de vraag of het door de verdachte ([verdachte]) gepleegde geweld door noodweer werd gerechtvaardigd. De op zich interessante vraag of en in hoeverre [verdachte] zou kunnen profiteren van een beroep op noodweer dat betrekking heeft op het handelen van [medeverdachte 1], behoeft derhalve geen bespreking.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfd7fbb9c81d795fcbf17b528f371e8bbd97c1e976f14bad12266741348c2a55. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfd7fbb9c81d795fcbf17b528f371e8bbd97c1e976f14bad12266741348c2a55, en de alinea staat in dat document op bytes 23631 tot 24438.