Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 mei 2007

Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 15 mei 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 mei 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA0498.

"Ten slotte moet als argument voor de niet-ontvankelijkheid genoemd worden de overschrijding van de redelijke termijn. De oorspronkelijke verdenking van strafbare feiten heeft betrekking op feiten in het jaar 1993. Het opsporingsonderzoek is aangevangen medio 1997, het gerechtelijk vooronderzoek is geopend 1 december 1997, bijzondere opsporingsmiddelen zijn ingezet vanaf 1 januari 1998 tot en met 14 februari 2000, de voorlopige hechtenis heeft geduurd van 14 februari 2000 tot 15 oktober 2003. Het vonnis van de rechtbank is uitgesproken op 6 april 2001 en het arrest van uw hof zal naar verwachting in de eerste helft van januari 2006 worden uitgesproken. Gelet op de onwenselijk lange tijdsverloop vanaf de aanvang van de vervolging, welke grotendeels voor rekening van het openbaar ministerie komt, dient niet-ontvankelijkheid als sanctie uitgesproken te worden."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32c7d5aaaebfa38fd96a527732f6b5f778180b4051f5c6a7c097fd6551d813a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32c7d5aaaebfa38fd96a527732f6b5f778180b4051f5c6a7c097fd6551d813a6, en de alinea staat in dat document op bytes 33433 tot 34316.