Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007

Alinea 119 Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA0582.

6.10 De wettelijke procedure (niet verwijzen, tenzij ..) is dus voorgeschreven om redenen van werklastbesparing bij de rechter. In onze zaak heeft de meervoudige kamer van het Hof het geheimhoudingsverzoek niet zelf beoordeeld, maar meteen verwezen, en heeft zij de wettelijk voorgeschreven procedure dus niet gevolgd. Uit de geschetste parlementaire geschiedenis blijkt op zichzelf niet dat de wetgever principiële bezwaren had tegen de door het Hof gevolgde procedure. Als de rechter geen behoefte heeft aan de hem door de wetgever gegunde werklastbesparing en er in de wél gevolgde procedure volledig recht wordt gedaan aan de ratio van de wettelijke regeling ((i) voorkoming dat recht wordt gedaan op basis van geheime stukken tegen de wens van een van beide partijen; (ii) verbinding van passende gevolgen aan een ongerechtvaardigde geheimhouding), is er geen reden om een punt te maken van de procedure. De vraag is dus of de feitelijk gevolgde werkwijze dezelfde waarborgen biedt als de wettelijke werkwijze voor de door de wetgever gewenste belangenafwegingen bij (i) de geheimhoudingsbeslissing en (ii) de beslissing over de consequenties van ongerechtvaardigde weigering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfe0694d85bdaa23dccdb1809613cd83515804813c3b51f641ce3d50a3eb4709. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfe0694d85bdaa23dccdb1809613cd83515804813c3b51f641ce3d50a3eb4709, en de alinea staat in dat document op bytes 51336 tot 52532.