Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007

Alinea 67 Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA0731.

3.10. Het hof heeft als kortgedingrechter, voor de beantwoording van de vraag of de kinderen een recht hadden op de tegoeden op de desbetreffende rekeningen bij de ABN Amro-bank, een belangrijke betekenis toegekend aan het laatst bekende oordeel van de bodemrechter, in dit geval het oordeel van de rechtbank in het vonnis van 17 november 2004. Dit geeft, gelet op de aangehaalde jurisprudentie, niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting. De kinderen waren in beginsel gerechtigd tot tenuitvoerlegging van het vonnis van 17 november 2004: het hoger beroep schorst de tenuitvoerlegging van het vonnis alleen indien daarbij niet is bepaald dat hetzelve bij voorraad zal worden ten uitvoer gelegd (art. 350 lid 1 Rv).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b7ed228c816449b28721fd4da877034665b181391002d1773b0ecc865f393dc4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b7ed228c816449b28721fd4da877034665b181391002d1773b0ecc865f393dc4, en de alinea staat in dat document op bytes 30694 tot 31424.