Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007
Alinea 75 Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 maart 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA0731.
3.16. Art. 430 lid 3 Rv bepaalt dat executoriale titels niet ten uitvoer kunnen worden gelegd dan na betekening aan de partij tegen wie de executie zich zal richten. Hierop zijn de gewone regels voor het doen van exploten, neergelegd in afd. 6 van Titel 1 van Boek 1 (art. 45 - 66) Rv van toepassing. Art. 66 lid 1 Rv bepaalt dat de niet-naleving van hetgeen in deze afdeling is voorgeschreven slechts nietigheid meebrengt voor zover aannemelijk is dat degene voor wie het exploot is bestemd door het gebrek onredelijk is benadeeld. Kennelijk heeft het hof het oog op deze wettelijke bepaling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b7ed228c816449b28721fd4da877034665b181391002d1773b0ecc865f393dc4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b7ed228c816449b28721fd4da877034665b181391002d1773b0ecc865f393dc4, en de alinea staat in dat document op bytes 37326 tot 37933.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b7ed228c816449b28721fd4da877034665b181391002d1773b0ecc865f393dc4 | shasum -a 256