Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2007
Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 mei 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA0902.
4.9. Bij de beoordeling van de klacht moet worden vooropgesteld dat de rechter vrij is in de waardering van het aan hem voorgelegde bewijs (art. 152 lid 2 Rv). Dat betekent dat het aan het oordeel van de feitenrechter is overgelaten of een bepaald bewijsstuk voldoende betrouwbaar is en of het bewijsmateriaal voldoende is om een feit als bewezen te kunnen aannemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3add3936e0c8c2c6e8014fe12c4d4386d0eb2f30f0ace104631e65a57f20dc99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3add3936e0c8c2c6e8014fe12c4d4386d0eb2f30f0ace104631e65a57f20dc99, en de alinea staat in dat document op bytes 17900 tot 18280.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3add3936e0c8c2c6e8014fe12c4d4386d0eb2f30f0ace104631e65a57f20dc99 | shasum -a 256