Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2007

Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA1644.

3.7. Het hof heeft kennelijk aangenomen dat zowel het inrijden op [betrokkene 1] als het toeren maken redelijkerwijs vreesaanjagend moet zijn geweest. Beide componenten - het afrijden op [betrokkene 1] en het indrukken van het gaspedaal - zijn in de tenlastelegging gesitueerd op een moment dat [betrokkene 1] zich op korte afstand voor die auto bevond. Het hof heeft kennelijk de tenlastelegging aldus uitgelegd dat het gaspedaal is ingedrukt voordat de auto op [betrokkene 1] afreed. Die uitleg van de tenlastelegging is niet met haar bewoordingen onverenigbaar en wordt door de verklaring van [betrokkene 1] ondersteund, zij het dat zich ook een andere volgorde laat denken. Het hof heeft daarom naar mijn oordeel deze bouwstenen kunnen herschikken op de manier zoals is gebeurd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/392cbbb6ce4ed5dd53b40f091a817892fd00a3d61c0f826d8cee611274b6f7b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 392cbbb6ce4ed5dd53b40f091a817892fd00a3d61c0f826d8cee611274b6f7b8, en de alinea staat in dat document op bytes 12243 tot 13038.