Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 90 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA1759.

3.17. De bewijswaarde van de meerkeuzeconfrontatie zoals deze in het onderhavige geval is ingericht is mijns inziens terecht ter discussie gesteld.(15) Daar staat tegenover dat het bewijs is gebaseerd op twee onafhankelijk van elkaar uitgevoerde getuigenconfrontaties die relatief kort na de overval hebben plaatsgevonden, dat in ieder geval de aangever de dader waarschijnlijk goed heeft kunnen waarnemen, dat de verklaring over de gouden tanden als zodanig ook bewijskracht heeft en dat in het verband met het meer omvattende onderzoek het kennelijke gebruik door de dader van een Toyota op betrokkenheid van verdachte wijst. Daarbij merk ik wel weer op dat van dat meer omvattende onderzoek in het strafvonnis van het hof niets is terug te zien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/92f247e9d371bdc6b32e27d994d09f32454062149318e4d6f8e153be166ec69f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 92f247e9d371bdc6b32e27d994d09f32454062149318e4d6f8e153be166ec69f, en de alinea staat in dat document op bytes 43450 tot 44212.