Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007

Alinea 111 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA1760.

8 Om van "voorhanden" te kunnen spreken, moet volgens D.H. de Jong en H.G.M. Krabbe in De Wet wapens en munitie: Een strafrechtelijk commentaar, Alphen aan den Rijn, 1989, p. 82 ev aan drie factoren worden voldaan: het wapen moet aanwezig zijn, al dan niet in de nabije omgeving, er moet een (machts)relatie zijn tussen de dader en het wapen (beschikkingsmacht) en, tenslotte, de dader moet zich bewust zijn van de aanwezigheid van het wapen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3eefb02d00d853d25218861f303cced94085be737af108963f1063f365a2199. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3eefb02d00d853d25218861f303cced94085be737af108963f1063f365a2199, en de alinea staat in dat document op bytes 37502 tot 37957.