Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007
Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA1760.
(ii) Van onverenigbaarheid als onder (i) bedoeld is in ieder geval geen sprake indien de verdediging in enig stadium van het geding, hetzij op de terechtzitting hetzij daarvoor, de gelegenheid heeft gehad om een dergelijke verklaring op haar betrouwbaarheid te toetsen en aan te vechten door de persoon die de verklaring heeft afgelegd als getuige te (doen) ondervragen. Van de verdediging mag in de regel het nodige initiatief daartoe worden verwacht. De enkele omstandigheid dat een getuige die voor een rechter is opgeroepen en aldaar is verschenen, weigert een verklaring af te leggen, brengt niet mee dat inbreuk wordt gemaakt op het door art. 6, lid 3, aanhef en onder d, EVRM gewaarborgde recht. Dat de rechter geen gijzeling van die getuige heeft bevolen doet daaraan niet af.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3eefb02d00d853d25218861f303cced94085be737af108963f1063f365a2199. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3eefb02d00d853d25218861f303cced94085be737af108963f1063f365a2199, en de alinea staat in dat document op bytes 17210 tot 18007.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a3eefb02d00d853d25218861f303cced94085be737af108963f1063f365a2199 | shasum -a 256