Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2007

Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 maart 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA1792.

Het Hof heeft vastgesteld dat de kinderbijslag, waarop iedere werknemer die in België werkzaam is in dienst van een in België gevestigde werkgever ingevolge de Belgische Samengeordende Wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders recht heeft, wordt uitgekeerd aan de moeder, dan wel aan degene die het kind werkelijk grootbrengt, alsmede dat op grond van deze regeling door de ex-echtgenote van belanghebbende via het Bureau voor Belgische Zaken te Breda in 1978 een bedrag van f 6833,15 is ontvangen ten behoeve van de bij haar verblijvende kinderen. Het Hof heeft de stelling van belanghebbende dat hij niet over de onderwerpelijke kinderbijslag kon beschikken als juist aanvaard, met welk oordeel het Hof, gelet op zijn evenvermelde vaststelling, tot uitdrukking heeft gebracht dat belanghebbendes gewezen echtgenote als moeder van de kinderen een aan de macht van de partijen bij de arbeidsovereenkomst onttrokken eigen recht op kinderbijslag had.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e28f083e6eb1d8590835e64797416ccd75a571e6787c09d02113f2ba3aa2b6b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e28f083e6eb1d8590835e64797416ccd75a571e6787c09d02113f2ba3aa2b6b7, en de alinea staat in dat document op bytes 27082 tot 28058.