Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 201 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA2104.

10. [Verdachte] is van mening dat het niet noodzakelijk is dat zij over het onderhavige verzoek gehoord dient te worden. Voor zover U Edelachtbare Heer Vrouwe deze mening ook bent toegedaan, dan doet [verdachte] afstand van haar recht om gehoord te worden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/96e5c9af26f70daeea1708367e5dc53a7d55c97442a17bb1ad1c18b6cbd22798. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 96e5c9af26f70daeea1708367e5dc53a7d55c97442a17bb1ad1c18b6cbd22798, en de alinea staat in dat document op bytes 74545 tot 74814.